‘Zullen sociale en inclusieve langetermijnvisies de komende verkiezingsstrijd overleven?’, vraagt Johan Velghe, woordvoerder van Vlinks, zich af. ‘De populisten namen het over terwijl traditioneel links geen weerstand bood’, meent hij daarnaast kritisch.

In oktober wordt in Gent een standbeeld onthuld van Willem I, koning van de Verenigde Nederlanden. Niet dat ik als republikein enige nostalgie zou voelen naar een autoritaire vorst, maar de visionaire, emancipatorische dadendrang van de man verdient best wel wat aandacht. Hij stond mee aan de wieg van de schoolplicht, het Nederlands als onderwijstaal in Vlaanderen, het pluralisme, Gent als universiteitsstad met een zeehaven en een pak nieuwe infrastructuur. Kortom, hij stelde een vooruitstrevendheid tentoon die we al lang niet meer gezien hebben.

In de schoolbanken leerden we echter over de ‘Hollandse bezetting’ van de ‘protestantse Noorderduivel’ om het kromverhaal van de Belgische revolutie van 1830 een vermeende legitimiteit te geven. Als antwoord werd dan maar een andere protestant opgevoerd om het nieuwe land te besturen: Leopold I. Hij halveerde prompt de lonen van de arbeiders in de Gentse textielfabrieken en schrapte alle besluiten van Willem I. Jammer genoeg ging zo veel sociaal vooruitstrevend werk verloren.

Misschien is de onthulling van het standbeeld een mooi startsein om de draad weer op te pikken. De huidige Vlaamse en federale regeringen kunnen daar in de aanloop naar de volgende regeerperiode al een mooie aanzet voor geven.


Als ijstaarten tijdens een hittegolf zakken de fundamenten van regeerakkoorden en arbeidsdeals weg.

Johan Velghe (Vlinks)

Met opportunistisch kortetermijnhandelen alleen halen we het immers niet. We moeten verder durven gaan dan wat regeerakkoorden en arbeidsdeals met fundamenten die wegzakken als ijstaarten tijdens een hittegolf. We hebben nood aan langetermijnvisies die focussen op een leefbaar Vlaanderen en op het opkrikken van de geluksfactor van alle burgers. Laten we ambitie tonen en een visionair dadenplan opstellen, geïnspireerd op Willem I.

Compromissen zijn dan ook uit den boze: buurten met een gediversifieerde huisvesting en waar gemotoriseerd verkeer niet langer prioritair is, zijn een absolute noodzaak. Geef de straten terug aan de bewoners, want onze ruimte is schaars. Dergelijke ingrepen zijn het beste middel tegen vereenzaming die de maatschappij zuur opbreekt, ook financieel.


Geef de straten terug aan de bewoners, want onze ruimte is schaars.

De auto dient aan macht in te boeten, naar Nederlands model waar fietsers minstens evenwaardige partners zijn. In fietshoofdstad Kopenhagen daalde het aantal ongevallen zelfs met 45 procent, met een evenredige verhoging van de geluksfactor als gevolg. Hoe je mensen uit de wagen haalt? Met een mobiliteitsbudget, maar natuurlijk mits een performant openbaar vervoer. In de praktijk betekent dit dat projectontwikkelaars niet langer de inrichting van onze leef- en woonruimte voorschrijven.

Een verbindende samenleving dient van onderuit opgebouwd te worden. Zet daarom in op basisdemocratie op het niveau van steden en gemeenten, met leefbare wijken die eigen beslissingen kunnen nemen en de daarbij horende ondersteunende begeleiding krijgen. Wijken kunnen immers makkelijker groepen en generaties verenigen, en zo meer conflicten vermijden.


De populisten namen het over terwijl traditioneel links geen weerstand bood.

Joris Luyendijk schreef dat we politici kiezen die ‘uiteindelijk weinig meer doen dan de ligstoelen op de ecologische Titanic verschuiven’. Wat het milieu betreft, moeten we inderdaad durven volhouden dat elke investering in het klimaat zich dubbel en dik terugbetaalt. Halfslachtigheid, zoals het uitwijken naar biodiesel, is niet langer een optie. Uitstel is een rad voor de ogen draaien.

Maar we gaan zelf ook niet helemaal vrijuit. Uiteraard moeten autobouwers de uitstoot fors reduceren, maar we mogen ook niet langer de ogen sluiten voor de sterk vervuilende luchtvaart. Het is lovenswaardig om de fiets te nemen van woonst naar werkplaats, maar als we vervolgens op maandagochtend aan de koffiemachine over een vliegtuigreis naar Milaan staan te pochen, doen we we wel lekker mee met de verantwoordelijkheidsvlucht van de consument. Inspanningen moeten groter zijn dan fietssnelwegen gebruiken, veertig dagen geen vlees eten en petities ondertekenen tegen de hoge concentraties aan fijn stof.

Goed bestuur

Het is de democratie die de krijtlijnen trekt waarbinnen de samenleving functioneert. Excessen als de traumatische opsluiting van minderjarigen met het oog op repatriëring horen daar niet bij. Goed bestuur richt zich op mensen en is vanzelfsprekend transparant, communicatief en gestoeld op een gelijke behandeling.


De democratie trekt de krijtlijnen waarbinnen de democratie functioneert.

Dit geldt beslist voor de regel dat kansarmen, werklozen en mensen in penibele leefomstandigheden niet dieper in de put geduwd mogen worden door de werkloosheidsuitkering te verlagen. Geen enkel politiek compromis mag armoede doen toenemen. Er zijn alternatieven om werkloosheid te bestrijden. Naast de direct pecuniaire gevolgen zijn zij de eerste slachtoffers van dalende leefbaarheid van het milieu, verzwakkend onderwijs, verstikkende (im)mobiliteit en het verlaten van de stelregel dat gezondheidszorg voor iedereen evenwaardig dient te zijn.

Goed bestuur laat ook geen zaken op hun beloop. Beslissingen steunen naast democratische legitimiteit vooral op billijke tijdslimieten bij de afhandeling van onder meer gerechtelijke dossiers en erfenissen. Dat voorkomt verzuring en wrok.


Geen enkel politiek compromis mag armoede doen toenemen.

Waterbeleid, betaalbare energie, omschakeling naar duurzame industrie en handel, en invulling van klimaatplannen mogen niet langer jokers in een coalitiespel zijn, maar duidelijke doelstellingen met een strak stappenplan. En internationaal dient pacifisme het algemeen principe te zijn en nabije conflictbeheersing de gangbare praktijk. Onze geluksfactor zal er wel bij varen.

De aanzet voor de Vlaamse beweging was de strijd tegen discriminatie en voor emancipatie. Die strijd mag niet opgegeven of even op pauze gezet worden. Maar terwijl traditioneel links geen weerstand bood tegen de dominante neoliberale ongelijkheidsgedachte en de waakzaamheid voor ideologieën die de waarheid in pacht menen te hebben, afzwakte, namen populisten het over. En zij dempen de achterstelling niet, maar poken het haatvuur nog op.

Willem I zal straks, tijdens de academische zitting, die de onthulling van het standbeeld in oktober voorafgaat, ongetwijfeld met fraaie woorden bewierookt worden. Maar zullen de aanwezige vertegenwoordigers van de particratie ook de erfenis van Willem I in zich opnemen? Of zal er in de aankomende verkiezingsstrijd alweer geen plaats zijn voor inclusieve, vooruitstrevende en sociale langetermijnvisies?