Edi Clijsters van Vlinks over de oprichting van een nieuwe, regionalistische beweging: ‘Wallonie Insoumise’. De beweging werd vorig jaar opgericht, in navolging van de beweging van Jean-Luc Mélenchon in Frankrijk, en streeft naar een soeverein en gelaïciseerd Wallonië.

Aan politieke opschudding was er de voorbije weken geen gebrek in en rond de Franstalige socialistische partij. Schandalen lieten regionale boegbeelden van hun voetstuk tuimelen, goedmenende militanten lanceerden wanhopige oproepen, en ten slotte was er ook een ontgoochelend congres. Zure kers op de taart werd een opiniepeiling die een regelrechte katastrofe voorspelde.

In het midden van al die drukte kreeg een ander verschijnsel – bewust of onbewust – nauwelijks aandacht. Er verscheen namelijk naast de gevreesde PTB nog een andere kaper op de kust: “Wallonie insoumise”.

Veel meer dan een kort berichtje van het nieuwsagentschap Belga werd het stichtingscongres, door de meeste media niet waard geacht.

‘Een nieuwe beweging in Wallonië kan meesurfen op het succes van Jean-Luc Mélenchon’

Nu ja, die naam … klinkt wel veelbelovend en zelfs ietwat poëtisch, maar toch allesbehalve origineel. Of de nieuwe beweging ook werkelijk zal meegolven op het relatieve succes van presidentskandidaat Jean-Luc Mélenchon in Frankrijk, moet nog blijken. Maar ondenkbaar is dat hoegenaamd niet.

‘Wallonie insoumise’ situeert zich immers niet alleen links van de PS, als radicaal links (én radicaal laïcistisch en ecologistisch) maar is op de eerste plaats een ‘soevereinistische’ beweging, die “het geheel van beleidsbeslissingen in Waalse handen” wil.

Over de precieze draagwijdte van die ‘soevereiniteit’ bestaan binnen de beweging verschillende opvattingen. Sommigen willen het Belgische nep-federalisme omvormen tot een echt en radicaal federalisme, anderen zien eerder heil in een confederatie, nog anderen opteren voor een onafhankelijk Wallonië, een niet onaanzienlijke groep mikt op aansluiting bij Frankrijk. Maar men is wel zo snugger om de discussie over die diverse formules momenteel niet als prioriteit te zien. Het komt er nu veeleer op aan een beleid te kunnen voeren dat is afgestemd op de werkelijke noden van Wallonië.

Voor vele Vlamingen mag dat verrasend klinken: die vinden dat het beleid in België al veel te lang en veel te veel op Waalse verlangens is afgestemd. Maar dat is natuurlijk maar een deel van het verhaal. Ook de democratische Vlaamse beweging – en a fortiori dus de linkervleugel daarin – beklemtoont regelmatig dat verregaande soevereiniteit voor beide landsdelen helemaal niet hoeft te betekenen dat brutaal komaf wordt gemaakt met solidariteit … als die maar correct en transparant functioneert, en liefst ook resultaten kan voorleggen.

Laat dat nu precies zijn wat de recente schandalen aan het licht hebben gebracht: dat minstens een deel van de verklaring voor het gebrek aan resulaten in Franstalig België te wijten is aan de schaamteloze zelfverrijking van de veel te talrijke ‘parvenus’ – zoals di Rupo ze ooit dierf noemen – in Franstalige rangen. (Dat betekent natuurlijk in de verste verte niet dat in het autonoom wordende Vlaanderen geen parvenu’s zouden rondlopen; maar dat is nu een ander verhaal).

Neen, zeggen de Waalse soevereinisten : als het wil bewijzen dat meer autonomie ook meer transparantie en meer resultaten oplevert, moet Wallonië eerst orde op zaken stellen in eigen huis. Merkwaardig is hierbij hoe zowel links- als centrum-rechts georiënteerde wallinganten die redenering hanteren. Maar nieuw is dat niet, en verrassend of onlogisch is het evenmin.

Vanuit Vlaanderen wordt immers te vaak uit het oog verloren dat Waalse belangen hoegenaamd niet samenvallen met Brusselse pretenties, en dat Wallonië – historisch zeer terecht – vindt dat het door ‘Brussel’ aan zijn lot is overgelaten toen daar geen grove winsten meer te halen vielen. Niet toevallig was het de linkse flamingant Antoon Roosens die vele jaren geleden al pleitte voor een ‘Marshall-plan voor Wallonië’ … lang voor de Waalse gewestregering op hetzelfde idee kwam.

De eerste kernen van wat de ‘Waalse beweging’ zou worden zijn wel ontstaan uit verzet tegen het streven van de Vlamingen naar gelijkberechtiging op taalvlak; maar nadien werd in Wallonië het streven naar autonomie vooral gedragen door de bekommernis om een eigen economisch beleid te kunnen voeren.

En dat de Walen altijd vasthielden aan de eentaligheid van hun regio had (met name bij de linksen onder hen) minder te maken met minachting voor het Nederlands dan met hun vrees dat mét de taal ook het Vlaamse clericalisme (dat tot in de eerste helft van vorige eeuw zo welig tierde) ook bij hen voet zou vatten. Met name in de tweede helft van die twintigste eeuw was het voor een meerderheid van Waalse regionalisten gewoon evident dat streven naar regionale ‘soevereiniteit’ wel degelijk kon samengaan met een linkse maatschappijvisie. Meer zelfs: na het doodbloeden van de grote winterstaking van 1960-’61 waren velen in Wallonië het eens met de legendarische linkse syndicalist André Renard dat de zo noodzakelijke economische structuurhervormingen er nooit zouden komen in het unitaire België, en dat een verregaande regionale autonomie dus precies de voorwaarde was om dergelijke hervormingen door te voeren.

Die dubbele doelstelling zou (ook nog vele jaren na de dood van stichter Renard worden uitgedragen door de Mouvement Populaire Wallon, en van dan af de Waalse beweging blijven doordesemen. Het was dan ook evenmin toevallig dat in de grote Vlaamse ‘Mars’ in Antwerpen in 1963 – die overigens opkwam voor federalisme én economische democratie – een (weliswaar onofficiële) delegatie mee opstapte van deze MPW.

En … men kan het zich anno 2017 moeilijk voorstellen, maar in 1994 bereikte een fractie van de Waalse autonomisten zelfs een akkoord over de ‘opdeling’ van België met de Vlaamse Volksbeweging, toen onder de vleugels van de heren Jan Jambon en Peter De Roover .

In de PS en daarbuiten heeft de systematische neo-unitaristische hersenspoeling door Di Rupo in de voorbije jaren de uitgesproken wallingantische dynamiek wel wat naar de achtergrond gedrongen. Maar hij is nooit helemaal weg geweest, en blijkt opnieuw meer gehoor te vinden.

Edi Clijsters is kernlid van Vlinks.