20/06/20 om 13:38  ‘Partijen en bewegingen die zich beroepen op een succesrijk verzet tegen de discriminatie en betutteling (van de Vlamingen) moeten ondubbelzinnig en resoluut het voortouw nemen in de huidige strijd tegen de achterstelling van onze medeburgers uit minderheidsgroepen’, schrijft Ludo Abicht van Vlinks.

In februari 2017 besliste de regering van de Hongaarse premier Viktor Orbán het standbeeld ter ere van de filosoof György Lukács uit een park in Boedapest te verwijderen en te vervangen door het beeld van de Heilige Stefanus, de gevierde bestrijder van de heidenen en daarom de patroonheilige van Hongarije. Lukács was zowat het tegenbeeld van Stefanus: een atheïst, een Jood en een marxist. De nieuwe, postcommunistische Hongaren konden echter ook op een creatievere manier met beelden omgaan, zoals blijkt uit een park, waarin de standbeelden en monumenten ter ere van de vroegere heersers en hun mentoren (Lenin en Stalin) zorgvuldig verzameld en opnieuw opgesteld werden. De beelden staan daar onbeschadigd netjes naast en door elkaar, en de bezoeker kan er mijmeren over de vergankelijkheid van aardse macht, glorie en zelfverheerlijking. De schooljeugd krijgt er meteen een geïllustreerde les over de dictatuur en de democratische vrijheid onder het huidige regime.

De beeldenstorm: wie niet horen wil moet zich maar verontwaardigd opstellen.

Het doet je ook dromen van een vergelijkbare massale verzameling van beelden, borstbeelden, halfreliëfs en gedenkplaten ter ere van wijlen Leopold II, waarom niet in het ruime kader van het park van Laken? Misschien blijft er zelfs een bescheiden plek over ter ere van de betreurde, vermoorde Patrice Lumumba? Het hele jaar door kunnen schoolkinderen en ramptoeristen dan door bevoegde gidsen kritisch en waarheidsgetrouw geïnformeerd worden over de vieze geschiedenis van de Vrijstaat (what’s in a name?) Congo en de latere Belgische kolonie.

Net omdat een dergelijke gezonde en moreel noodzakelijke revisie van dit beschamende verleden niet in het onderwijs en slechts af en toe in de media behandeld werd, én omdat de wereld dankzij de nieuwe media inderdaad kleiner, dat wil zeggen on time on line geworden is, heeft een aantal afstammelingen van de historische slachtoffers het heft in eigen, gelukkig niet afgehakte handen moeten nemen om hun ingedutte brave medeburgers een tikkeltje brutaal een geheugen te schoppen. Petities, manifesten, protesten en columns als deze hebben de laatste zestig jaar, dat zijn twee generaties, weinig of niets uitgehaald. En dan komt er een moment, waarop zij de alomtegenwoordigheid van die monumenten die stilzwijgend en ongestoord de lof van Leopold II verkondigen, niet langer kunnen verdragen.

Ik begrijp dat wij, de afstammelingen van koloniale grootouders, ooms en tantes, door een dergelijk vandalistisch gedrag geschokt en verontwaardigd zijn, maar er gaapt een hemelsbrede morele kloof tussen, enerzijds, de misdaden van Leopold II, zijn handlangers en de latere koloniale besturen en, anderzijds, de vernietiging en verminking van die monumenten. Ik mag dan al, vanuit mijn comfortabele positie, claimen dat ik en mij generatiegenoten niet voor die misdaden van onze voorouders moeten opdraaien, iets wat trouwens niemand echt van ons verlangt, en voorstellen op een redelijke en beschaafde (ai, hier komt een beladen term) wijze samen dit treurige en niet zo glorierijke verleden te beginnen te verwerken. Akkoord, maar zijn het niet net deze “vandalenstreken”, die de discussie echt op gang gebracht hebben? En zullen wij, de meerderheid, bereid zijn dit moeizame en bijwijlen pijnlijke gesprek daarover ook echt aan te gaan? Ik mag het hopen.

Dat de huidige actievoerders een zeer vaderlandse traditie voortzetten bewijzen de vele plekken in onze Lage Landen, van Hondschoote tot Alkmaar, waar er nog duidelijke sporen te vinden zijn van de Beeldenstorm. Ook daar kan men zich verontwaardigen over de acties van de calvinistische cultuurbarbaren, maar wat waren deze acties vergeleken met de eeuwenlange morele verminking van de harten en de geesten van de bevolking door de roomse kerkleiders en klerken?

Intussen weten we dat de Bos- en Watergeuzen ons een flinke stap dichter gebracht hebben bij onze huidige democratie (Leve de geus!) en eren we terecht hun gedachtenis. De tijd spoedt heen en bakent reeds de baan…immer vooruit, dappere Geuzen!

Laat jullie niet als relschoppers en vandalen in een verdomhoekje duwen, maar wees bereid, na het opruimen van dit koloniale puin, mee te werken aan de reconstructie van een samenleving waarin racisme en discriminatie van minderheden, wantrouwen tegenover de “ander” en collaboratie met de onderdrukkers eindelijk tot het verleden behoren.

Het wordt daarom de hoogste tijd dat partijen en bewegingen die zich beroepen op een succesrijk verzet tegen de discriminatie en betutteling (van de Vlamingen) ondubbelzinnig en resoluut het voortouw nemen in de huidige strijd tegen de achterstelling van onze medeburgers uit minderheidsgroepen.

Dat lijkt me een bijzonder passend thema voor de Guldensporenvieringen in 2020.

Ludo Abicht is kernlid van Vlinks .