‘Alle nuance is zoek, het debat over migratie wordt pijnlijk gemonopoliseerd door extremen’, schrijft Zeger Collier van Vlinks, die pleit voor een rationele en menselijke middenweg.

Migratie is van alle tijden’, krijgen we vaak te horen. Zo vaak zelfs, dat het soms een stoplap lijkt. Er zijn tijden geweest waarin Vlamingen emigreerden naar Canada, en er waren andere tijden waarin grote groepen Hongaren of Italianen naar Vlaanderen zijn geïmmigreerd. Op elk moment in de geschiedenis zijn er groepen mensen geweest die vanuit hun thuisomgeving andere oorden hebben opgezocht. En de achterliggende redenen daarvoor waren steeds anders. In de eerste plaats waren er politieke redenen, denken we maar aan Syriërs die de oorlog in hun land ontvluchtten, dikwijls uit angst voor de IS-bezetters. Maar de redenen voor migratie waren ook vaak economisch van aard. De Vlamingen die naar Canada trokken, deden dat in essentie om ginds een beter leven te hebben, om werk te vinden en hun economische situatie te verbeteren.

Laten we werk maken van een meer open maar duidelijker model van migratie naar Europa.

In de afgelopen jaren kwamen grote groepen mensen uit Azië en Noord- en Centraal-Afrika naar Europa. In 2015 was er zelfs sprake van een ware ‘asielcrisis’. Sommigen refereren naar het ‘Wir schaffen das‘ van Angela Merkel als oorzaak daarvoor, maar vergeten daarbij dat die uitspraak er wel pas gekomen is, als de crisis al een hele tijd aan de gang was. Een rechtstreekse oorzaak zal het dus wel niet geweest zijn. Er zijn er verschillende andere: politieke redenen (Syrië), demografische redenen (hoog geboortecijfer in Centraal Afrika), maar natuurlijk ook economische redenen (jonge, gestudeerde mannen, die geen werk vinden en een beter leven willen opbouwen in Europa).

Als we in Europa de politieke standpunten bekijken over dit gevoelige thema, lijkt het vaak alsof er maar twee extremen te zien en te horen zijn, die alle aandacht wegkapen. Daartussen lijkt een groot gat te gapen. Alle nuance is zoek, het debat wordt pijnlijk gemonopoliseerd door extremen, en dat terwijl de grote massa van de bevolking wellicht genuanceerder denkt.

Welke zijn de twee extremen? Wel, aan de ene kant zijn er linkse politici die nog steeds verstrikt zitten in hun overtuiging, die volgens mij neerkomt op een systeem van open grenzen. Mensen zoeken geluk en een beter leven, en moeten daartoe alle kansen krijgen. Aandoenlijk, en menselijk te begrijpen, maar is dit geen positie waar links zich stilaan heeft in vastgereden? Is men de netto-instroom in onze regio dan vergeten sinds de jaren 60 van de vorige eeuw? Wie aan de linkerzijde denkt dat we aan hetzelfde tempo verder kunnen doen, denkt verkeerd. Het lijkt er niet op dat er binnen de Europese samenleving nog een groot draagvlak is voor grootschalige bijkomende migratie. Niet dat we moeten doemdenken, maar nog maar eens ‘Wir schaffen das‘ herhalen, zal de situatie niet oplossen.

Aan het andere extreem dan, op rechts, zien we een egelachtige reflex die de grenzen wil dichtgooien en een soort ‘Fort Europa’ wil creëren. We zien dergelijke standpunten in Hongarije, in Italië, maar ook in Vlaanderen, zeker ook in Vlaams-nationalistische hoek, waar enkel rechts een stem lijkt te hebben. Er wordt geschermd met de eigen identiteit die bedreigd wordt, en dus moeten de Europese grenzen dicht. Bootjes die het toch proberen om met illegale migranten over te steken, moeten via ‘pushbacks’ teruggeduwd worden naar Libië, alwaar deze mensen naar alle waarschijnlijkheid vreselijke martelingen zullen ondergaan. Europees rechts voelt zich daarbij niet moreel verantwoordelijk voor wat er met deze mensen in hun thuisland of de landen ertussen gebeurt. Opgeruimd staat netjes, als het ware… Pushbacks en klaar is kees. Dit model baseert zich op het Australische, waar gelukszoekers koudweg op twee kleine eilandjes worden gedumpt en nooit nog opnieuw asiel kunnen aanvragen in Australië.

Rationeel aanvaardbare middenweg

We zien dus aan beide kanten extreme, onethische en eigenlijk onrealistische meningen.

En daartussen lijkt er in de huidige Europese context soms niets anders aanwezig te zijn, enkel een gapend ideologisch gat. De nuance is verdwenen, het kiesvee staat erbij en kijkt ernaar. Maar zou het niet kunnen dat de grootste groep mensen met meer nuance naar een gevoelig thema als migratie kijkt dan vaak wordt gedacht?

Is er dan geen politiek-ideologische tussenweg mogelijk, die erkent dat open grenzen geen optie meer zijn, maar die toch op een menselijke manier wil omgaan met migranten? Een soort ethische en rationeel aanvaardbare middenweg; een inclusief Europees nationalisme als het ware. Is dat niet net wat we nodig hebben in Europa?

Deze overtuiging moet in eerste instantie gebaseerd zijn op een aanpak aan de bron, in de landen van herkomst in Centraal-Afrika en Centraal-Azië. Waarom zouden Europese landen geen partnerschappen kunnen opzetten met de landen in de regio, om op die manier gerichte en kleinschalige projecten op te starten die lokaal werk en perspectief creëren. Vlaanderen zou dan kunnen samenwerken met een klein Afrikaans land. en daar volop investeren in kleinschalige projecten van ontwikkelingssamenwerking. Frankrijk, Nederland of zelfs Catalonië kunnen een ander partnerland kiezen. Geen blanco cheques meer voor corrupte regimes, maar daadwerkelijke hulp voor de mensen. Eens dit uitgerold wordt door alle Europese landen, met telkens een ander partnerland, moet dit helpen om de migratiestromen bij de bron aan te pakken, en -waar mogelijk- de noodzaak om te willen vertrekken, weg te nemen. Deze aanpak staat lijnrecht tegenover de symptoombestrijding van het Australische model.

Menselijke tussenweg

Maar daarnaast moeten er grote asielcentra komen aan de Europese grenzen, aan de Griekse, Italiaanse en Spaanse kusten bijvoorbeeld. In deze ‘hotspots’ moeten mensen die de illegale migratie-tocht toch nog wagen in eerste instantie op een menselijke manier worden opgevangen en dat op Europese bodem. Er moet daar voor hen een eerlijke en snelle procedure worden opgestart om uit te maken of zij al dan niet kans maken op een verblijf in Europa. Indien ze daartoe geen kans maken, moeten ze dan ook snel kunnen teruggebracht worden naar hun land van herkomst. En dat systeem van terugkeer dient efficiënter te worden dan vandaag het geval is, want nu krijgt men een bevel om het grondgebied binnen de 5 dagen te verlaten, waarna men natuurlijk gewoon in de illegaliteit verdwijnt.

Maar voor ons mag de positieve evaluatie van toelating tot Europa ook wel ruimer worden geïnterpreteerd dan op vandaag. Waarom niet ook een bepaald contingent aan economische vluchtelingen toelaten per Europees land? Dat zou toch prima zijn? Ook in Vlaanderen kan voor ons een bepaald aantal mensen jaarlijks worden toegelaten om hier te komen werken, bij te dragen tot onze economie en te integreren. Een goede spreiding over Europa moet daarbij deel uitmaken van de Europese gedachte. Landen of regio’s die deze inspanning niet wensen te doen, horen in feite niet thuis in de EU.

Laat ons gaan voor een ander, opener, warmer, maar tegelijk ook duidelijker model van migratie naar Europa. De ideologische extremen lossen het probleem niet op, en zijn ofwel naïef ofwel onethisch. Tijd voor een menselijke tussenweg dus.

Zeger Collier is kernlid van Vlinks