Kevin De Laet van Vlinks over het lot van de Koerden in Kobani, in het Noorden van Syrië. ‘De Koerdische, Syrische, Arabische, Turkmeense en andere verzetsstrijders die daar samen IS oprolden, mogen weer hun plan trekken. Ze hebben het vuile werk voor ons gedaan, en nu laten we hen weer aan hun lot over.’

1 november was ‘wereld Kobani-dag’. Niet dat daar veel ruchtbaarheid aan werd gegeven, en het is maar de vraag hoeveel Europeanen ondertussen nog weten wat Kobani is. De stad was lange tijd voorpaginanieuws toen de bommen van IS daar ontploften en harde verzetsstrijd werd geleverd door de inwoners. Vandaag vallen er Turkse bommen, en doet Europa alsof Kobani niet meer bestaat.

Tot een jaar geleden juichte zowat heel Europa echter nog luid voor de dappere Koerdische strijders. Zij vochten daar in het noorden van Syrië hun overlevingsstrijd tegen de terreurbeweging van Islamitische Staat, die we ook in Europa hebben leren kennen als onze nieuwe aartsvijand. We applaudisseerden toen enige jaren geleden tegen bijna alle verwachtingen in die stad Kobani in het uiterste noorden van Syrië toch stand kon houden tegen de brutale oorlogsmachine van de terreurbeweging en we applaudisseerden keer op keer weer toen de Koerdische strijders en hun bondgenoten succes na succes boekten en, weliswaar met Amerikaanse steun, daar ter plekke het ‘kalifaat’ dat we met zijn allen zo verafschuwen uiteindelijk bijna van de kaart veegden.

Kobani was symbool voor de strijd tegen IS: nu er Turkse bommen vallen, doet Europa alsof het niet bestaat.

En ja, er klonk héél af en toe al eens wat verontwaardiging toen het Turkse regime van president Erdogan op zijn zachtst gezegd weigerde mee te werken… om niet te zeggen: actief sabotage pleegde door elk Koerdisch succes op IS te beantwoorden met een aanval op die Koerden. De slag om Kobani, die men nu misschien als het ‘Stalingrad’ van IS kan beschouwen, wordt nu jaarlijks herdacht op Wereld-Kobani-dag. Een symbool voor de strijd tegen IS: de Europese beschaving was weer gered, onze Europese waarden beschermd, mede dankzij onze (tijdelijke?) bondgenoten daar in Rojava, noordelijk Syrië (enfin, zelf heeft Europa eigenlijk niets gedaan).

Hoe anders is de situatie vandaag. De Kobani-dag is voor Europa ongemerkt voorbijgegaan. Op dezelfde dag kondigde Erdogan aan dat de voorbereidingen voor een grote invasie van noordelijk Syrië rond waren. Er was amper een verontwaardigde stem te horen in de Europese politiek. We zijn Kobani alweer vergeten. En de Koerdische, Syrische, Arabische, Turkmeense en andere verzetsstrijders die daar samen IS oprolden, die mogen weer hun plan trekken. Ze hebben het vuile werk voor ons gedaan, en nu laten we hen weer aan hun lot over.

Misschien zijn er die Kobani al zodanig vergeten zijn dat ze denken: ‘so what, moeten wij ons moeien in Syrië? En Turkije is toch een Navo-bondgenoot?’. Laten we dan natuurlijk niet vergeten dat het vooral Europa was dat per sé de Syrische president Assad wilde verwijderd zien. Niet dat we met Vlinks fan zijn van dat autoritaire regime, maar er moet toch eens op gewezen worden dat zonder Europese en Amerikaanse inmenging in Syrië en Irak er nooit een IS zou geweest zijn. Dat we vervolgens de Koerdische bevolking daar misbruiken om ons eigen monster van Frankenstein de baas te kunnen én eens het probleem opgelost is ze dan weer laten vallen, dat getuigt van een cynisme dat me doet walgen telkens een Guy Verhofstadt weer over Europese waarden en democratie begint te preken. De Europese waarden die ik vandaag vooral verdedigd zie zijn hypocrisie, lafheid en achterbaksheid.

Maar zijn die Koerdische milities daar zelf geen terroristen? Van de PKK? Turkije zegt het immers, en heeft een NAVO-bondgenoot niet altijd gelijk? We hebben de voorbije jaren toch wel gezien hoezeer Erdogan vrijheid en democratie een hart toe draagt als trouwe bondgenoot, niet? (Voor alle duidelijkheid, dat laatste is sarcastisch bedoeld.) Erdogan had geen probleem met de terreur van IS aan de grens: toen de jihadisten het hele Noord-Syrische gebied (buiten Kobani dan) in handen hadden stond het Turkse leger er bij en keek er naar. Geen tank rolde de grens over om IS te verdrijven. Wel werd er al eens een schot gelost tegen… de Koerden. Het was pas toen IS werkelijk op de terugweg was en de Koerdische milities en hun bondgenoten het ‘federale Rojava’ in het leven riepen dat de Turkse regering plots een probleem met terrorisme aan de grens zag.

Herstel van het Ottomaanse rijk

Begin dit jaar werd het kanton Afrin al bezet en de gevolgen zijn zichtbaar. Een culturele genocide is er bezig tegen de bewoners die daar al eeuwenlang leefden, zo werden Koerdischtalige scholen gesloten en moet in de klassen nu de leerlingen trouw aan de Turkse natie aangeleerd worden – inclusief poseren voor de vlag van het nieuwe vaderland. In de kringen van de Turkse staatspartij AKP steekt men niet onder stoelen of banken dat het doel uiteindelijk de annexatie is van zo veel mogelijk noord-Syrisch grondgebied (men droomt in die kringen hardop van het herstel van het Ottomaanse rijk van weleer).

Wat in Afrin gebeurt, zal weldra ook in de andere noord-Syrische kantons gebeuren als Erdogan en zijn ultranationalistische kompanen hun gang kunnen gaan.

Dat er al eens beelden opduiken waarbij voormalige (?) strijders van jihadistische groeperingen nu trots met de Turkse vlag pronken is natuurlijk geen toeval. Dat de ‘bevrijding’ van Afrin door Turkse troepen een nieuwe vluchtelingenstroom op gang bracht evenmin: onder die troepen zitten nogal wat ‘strijders’ die even goed in IS thuis kunnen horen. Wat in Afrin gebeurt, zal weldra ook in de andere noord-Syrische kantons gebeuren als Erdogan en zijn ultranationalistische kompanen hun gang kunnen gaan. Maar Europa, zoals gezegd, doet alsof er niks aan de hand is.

Uiteraard is in Turkije zelf lang niet iedereen het eens met de gang van zaken, maar wie kritiek geeft op de expansionistische drang van de regering en het militaire apparaat wordt meteen van sympathie voor het terrorisme verdacht, het klassieke excuus om elke oppositie monddood te maken. Turkije staat op nummer één als land met het meest gevangen journalisten en voert een heuse heksenjacht tegen alle ‘vijanden van de staat’, van concurrerende religieuze bewegingen tot een partij als HDP die meer democratie en autonomie wil.

Maar ook dat lijkt Europa niet meer te deren. Even klonken er verontwaardigde stemmen de voorbije jaren maar het lijkt er op dat de Europese regeringen de banden met Turkije weer willen ‘normaliseren’. Want, liever dan onzekerheden die gepaard gaan met consequent handelen naar de eigen principes, willen we de economische en politieke belangen veilig stellen. Nu, dat hoeft ons niet te verbazen. We hebben het voorbije jaar in Spanje gezien hoe rekbaar die ‘Europese waarden’ eigenlijk zijn. Spijts alle grootspraak over die waarden blijft één axioma toch stevig overeind: it’s the economy, stupid. En dan kijken we wel weer even weg als dat nuttig blijkt.

Kevin De Laet is kernlid van Vlinks