Over de fabelachtige verdiensten van de F-35, over de ‘niet-aanwezige’ kernwapens op Belgische bodem, over de werkelijke kostprijs van dit avontuur is in de voorbije jaren flink wat afgelogen, schrijft Vlinks.

Zo, dat weten we dan weer. Het koninkrijk België zal miljarden uitgeven om polyvalente gevechtsvliegtuigen aan te kopen van de VS-multinational Lockheed Martin, dat legendarische pronkstuk van wat ooit door VS-president Eisenhower (nota bene zelf een voormalig topmilitair) betiteld werd als het ‘militair-industriële complex’, dat een niet te onderschatten bedreiging vormde voor democratische besluitvorming. Die F-35-toestellen worden door officiële en officieuze lobbyisten aangeprezen als het neusje van de zalm, al zijn ze tot nog toe vooral in het nieuws gekomen vanwege een opeenvolging van mankementen en niet-nagekomen verplichtingen.

Aanvankelijk kwamen ook toestellen van andere producenten in aanmerking, maar die konden – of mochten – niet voldoen aan een merkwaardige eis: de Belgische vliegtuigen moeten ook kernbommen kunnen vervoeren. Hoezo? Sinds wanneer is België een kernmogendheid? Neen, hoor. Kan het over kernbommen beschikken als het dat wil? Geen sprake van. De kernbommen die – zoals bekend – nergens in dit land officieel te vinden zijn, mogen uitsluitend worden gebruikt op bevel, pardon: verzoek, van de onovertroffen NAVO-bontgenoot VS.

Maar aangezien België tot elke prijs zijn reputatie kwijt wil als onwillige leerling in de grote NAVO-klas zal ‘onze’ luchtmacht dus weldra kunnen beschikken over gevechtsvliegtuigen die ook voor bombardementen kunnen worden ingezet. Met heuse atoomwapens, asjeblief. Nu zal wel iedereen bibberen en beven die dit land niet ernstig neemt.

‘Liegtuigen’

Maar als dat allemaal zo duidelijk is, waarom werd dan zo lang getalmd met de beslissing? Werd die echt alleen maar uitgesteld tot na de jongste gemeenteraadsverkiezingen, om de Franstalige liberalen nog meer gezichts- en stemmenverlies te besparen? Die hadden immers liever de Franse constructeur Dassault een plezier gedaan. Alleen had Dassault het zijn trouwe paladijnen een beetje moeilijk gemaakt door niet eens de moeite te nemen de nodige documenten in te dienen voor de officiële aanbesteding. Kortom: dezer dagen moet de MR in Franstalige (zelfs onverdacht NAVO-getrouwe) media bittere commentaren lezen als zou de keuze voor de F-35 een ‘Vlaamse’ keuze zijn. Dat ondertussen ook voor een fors bedrag ‘rollend materiaal’ uit Frankrijk werd besteld, beschouwen die media blijkbaar als een evidentie.

Over de ‘niet-aanwezige’ kernwapens op Belgische bodem, over de kronkelpaden van het wikken en wegen der diverse mogelijkheden en het verloop van de ‘objectieve’ selectieprocedure, over de fabelachtige verdiensten van de F-35, over de werkelijke kostprijs van dit avontuur, enz. is in de voorbije jaren flink wat afgelogen. Zodat ettelijke commentatoren het al hadden over de ‘liegtuigen’.

Maar wat recent werd en wordt verteld over de compensaties die de Amerikaanse constructeur zou aanbieden dat slaat werkelijk alles. Aanvankelijk liet Lockheed Martin er immers geen twijfel over bestaan: alleen landen die van bij het begin mee betaalden voor de peperdure onderzoeks- en ontwikkelingsfase zouden nadien toestellen kunnen aankopen tegen een ‘vriendenprijs’ en kunnen rekenen op bestellingen voor de eigen luchtvaartindustrie. Onder meer Nederland liet zich daardoor overtuigen, en heeft er inmiddels al meer dan een miljard aan uitgegeven. Het krijgt dan wel zijn 37 toestellen geleverd tegen ‘slechts’ 91 miljoen euro per stuk.

België deed toen niet mee. Het zal dus (volgens wat Lockheed Martin zelf indertijd liet uitschijnen) vermoedelijk per toestel zo’n 25 procent meer betalen dan onze noorderburen. En België kan dus in principe ook geen aanspraak maken op ernstige compensaties. Maar ach, beloven kost niets, en naarmate de ultieme datum voor een beslissing naderbij kwam werden door Lockheed Martin steeds meer en steeds indrukwekkender compensatie-perspectieven geschilderd. Helaas was er blijkbaar niemand die onze eminente besluitvormers kon of durfde herinneren aan de oude volkswijsheid : “veel beloven en weinig geven doet de gekken in vreugde leven”.

Jammer is dat. Vooral voor de socialistische oppositie, die had kunnen verwijzen naar de adembenemende compensaties die destijds in het vooruitzicht werden gesteld door de Italiaanse helicopterbouwer Agusta, en waarvan ook maar weinig terechtkwam. Al zou het kunnen dat men in die rangen enige gêne voelde om te herinneren aan die roemruchte episode uit de geschiedenis van de vaderlandse particratie.

Jammer is echter vooral dat bij de politieke gezagdragers kennelijk alle verbeeldingskracht was opgebruikt bij het verzinnen van steeds nieuwe excuses voor uitstel, bizarre afleidingsmaneuvers en sprookjesachtige compensaties. Zodat helaas geen energie meer overbleef om even na te rekenen wat voor maatschappelijk noodzakelijke en nuttige dingen je allemaal zou kunnen doen met de vele miljarden die nu gewoon worden besteed aan tuigen die slechts dienen om te vernietigen en vernietigd te worden.

Edi Clijsters is kernlid van Vlinks