‘Minister Muyters kiest voor de bevordering van wapenproductie en wapenhandel, terwijl er vooral nood is aan creatieve geesten die conflictbeheersing vooropzetten en niet alleen oog hebben voor nog meer dodende technologie en macaber winstbejag’, schrijft Johan Velghe van Vlinks.

Opgehangen, verdronken en gevierendeeld worden, was het lot van Michael-Joseph an Gof en Thomas Flamank. Zij brachten in het voorjaar van 1497 de euvele moed op zich te keren tegen de zoveelste belastingheffing door koning Hendrik VII, deze keer om een oorlog tegen de Schotten te financieren. De Cornish Rebellion resulteerde in een mars op Londen van veertigduizend paupers uit Cornwall. Vertrokken uit Saint-Keverne in het zuiden en Bodmin in het noorden van het Keltisch schiereiland kwamen ze nooit in London aan. Ze werden onderweg door een goed bewapend Engels leger ‘uitgeroeid’. Beide leiders wachtte een gruwelijke, maar officiële moordpartij.

Wie aan wapens denkt, vergeet de mens.

 

Een in 1997 onthuld monument bij de dorpstoegang langs de weg van Saint-Keverne naar Helston herinnert aan de wreedheid waarmee in alle tijden de zucht naar rechtvaardigheid bestreden wordt.

Wie anders dan all inclusive reist, merkt op zovele plaatsen – zoals de torso van het slavenmeisje in het Parc d’Europe in Toulouse, de soldatengraven in alle continenten,… – de monumenten en lieux de mémoire op, van het overtal aan oorlogen ontketend met het oog op gebiedsuitbreiding en/of het meedogenloos neerslaan en vervolgen van opstandelingen die simpele maar rechtlijnige doelen voor ogen hielden: rechtvaardigheid en menswaardigheid.

Op vele plaatsen worden we met de neus op de meest gruwelijke daden van oorlogszuchtigen en andere wreedaards geduwd. Vele littekens herinneren aan oorlog en geweld. Inzicht verwerven in de drijfveren en mechanismen van de eeuwenlange aaneenrijging van wandaden en wapengeweld, is de eerste fundamenten leggen voor burgerzin en vredesopvoeding.

In tegenstelling tot het aantal oorlogsmonumenten zijn vredesoorden daarentegen zeldzaam. De IJzertoren is zo’n plaats waar de doden slachtoffers van oorlogswaanzin zijn en niet op het altaar van het staatsnationalisme geofferd worden.

Het mag niet baten. Ook vandaag nog is de aarde het toneel van tientallen massale geweldplegingen. Op de weide aan de IJzertoren in Diksmuide verwijst Kamagurka hiernaar met zeventig beelden. De tentoonstelling Floating Dreams loopt nog tot 11 november.

Met die sterke krachtlijn van de Vlaamse beweging wordt achteloos omgesprongen, tot op een ministerieel kabinet toe.

Oorlog voeren, met wapengekletter, bombardementen of met chemische wapens, is leed en vernieling veroorzaken, mensenlevens abrupt afbreken, aan- en naslepend oorlogsverdriet creëren, zo het al niet een oorzaak van revanchisme wordt. Oorlog schept geen geluk voor iedereen. Dat beseften de frontsoldaten van ’14-’18. Zij, ervaringsdeskundigen inzake oorlogsleed, schreeuwen tot op de dag van vandaag hun afschuw van gewapende conflictenstrijd uit. Nooit meer oorlog is geen gratuit opschrift op de IJzertoren. Pacifisme dat eerder al door daensisten in het Belgisch parlement vooropgezet werd als weerwerk tegen het militarisme van Leopold II, werd een grondbeginsel van de Vlaamse beweging.

Maar met die sterke krachtlijn wordt achteloos omgesprongen, tot op een ministerieel kabinet toe. Wie ‘nooit meer oorlog’ opwerpt, wordt meteen als naïeveling weggezet. Dat daarbij een stevig been van de Vlaamse beweging wordt geamputeerd, is van geen belang meer, alsof wapens en oorlog deel uitmaken van onze ‘Westerse en christelijke waarden’.

Een delegatie van ‘Aan de IJzer’, de vzw rondom de IJzertoren, het memoriaal van de Vlaamse ontvoogding, werd vorige week op het kabinet van Vlaams minister Philippe Muyters vriendelijk ontvangen. Verder ging het gesprek niet, want de ‘richtlijn Muyters’ ligt immers klaar en zal niet meer gewijzigd worden.

De richtlijn die eertijds Vlaams minister-president Luc Van den Brande liet opstellen verbood onderzoek met militaire doeleinden. De richtlijn Muyters bevordert daarentegen deze vorm van onderzoek en ontwikkeling door Vlaamse deelname aan Europese fondsen zonder bijkomende voorwaarden op te leggen. Ethische en andere criteria zijn niet omschreven.

Zelfregulerend karakter van de wapenmarkt

Uit het gesprek met het kabinet-Muyters blijkt dat alle vertrouwen gesteld wordt in het zelfregulerend karakter van de wapenmarkt, iets waar ‘Aan de IJzer’ de grootste twijfels bij heeft.

Wie aan wapens denkt, vergeet de mens. De morele depressie die boven Europa hangt en ongelijkheid predikt, laat goed en kwaad niet van elkaar onderscheiden. Wapens doen de balans niet naar het goede overhellen. ‘Aan de IJzer’ stelt: ‘Elke gemeenschap moet nadenken over hoe ze omgaat met wapens. Toegegeven, gemakkelijk is dat niet.’

Waar minister Muyters kiest voor de bevordering van wapenproductie en wapenhandel, is er eerder nood aan creatieve geesten die conflictbeheersing vooropzetten en niet alleen oog hebben voor nog meer dodende technologie en macaber winstbejag.

Zonder welk onderwijsvak dan ook, en allerminst een uur Nederlands te schrappen, is er wel degelijk nood aan opvoeding in burgerzin en conflictvoorkoming, zeg maar een vredesopvoeding als stimulans voor een menselijke samenleving, ver weg van louter technocratische en economische richtlijnen. Ouders tot hun kinderen, leerkrachten tot hun pupillen en ministers tot de burgers dienen het voortouw te nemen om menselijkheid voorop te zetten. Wapens rijmen niet op menselijkheid. Wapens geven geen hoop.

Precies vijfhonderd jaar na de Cornish Rebellion vertrok uit Saint-Keverne een symbolisch zwaar beladen kinderen- en jongerenmars op London: geef ons hoop op een vredevolle en rechtvaardige samenleving en wereld, kortom: ‘Nooit meer oorlog’. Het Engelse leger werd in de nabijheid van de betogers niet gesignaleerd, maar de uitroeiing werd voortgezet, deze keer in Irak.

Johan Velghe is woordvoerder van Vlinks