Tom Garcia van het Vlaams, sociaal en progressief netwerk Vlinks hoopt dat gemeenschapszin 2018 kan redden.

We zijn een weekje ver in 2018, het jaar van de gemeenteraadsverkiezingen. Een belangrijk jaar dus, want we gaan mensen kiezen op het niveau dat in ons politieke systeem het dichtste bij ons – de kiezer – ligt.

Dat mag triviaal lijken, maar wat in je onmiddellijke buurt gebeurt is heel belangrijk voor je algemeen welzijn. Verschillende psychologische studies hebben al aangetoond dat mensen ontmoedigd en uiteindelijk ongeïnteresseerd raken als ze het gevoel krijgen geen vat te hebben op problemen. Het enige wat dan nog rest is verontwaardiging, frustratie en uiteindelijk desinteresse.

Hoe meer we dus betrokken kunnen raken bij het beleid, hoe meer we kunnen mee beslissen en hoe groter de interesse en het engagement zullen zijn. Daarom wil ik pleiten voor meer communalisme.


Gemeenschaps- en burgerzin kunnen in 2018 het tij keren.

 

Communalisme is een politieke insteek waarbij de gemeenschap centraal wordt geplaatst. In haar theoretische vorm is het een verzameling autonome kleine gemeenschappen die in een confederaal model met elkaar samenwerken. Die kleine gemeenschappen zijn bijvoorbeeld steden of dorpen, of zelfs wijken en buurten.

De bedoeling is de beslissingskernen zo klein en zo lokaal mogelijk te maken zodat de betrokkenheid van elk lid van die gemeenschap het grootst is. Confederale samenwerking slaat dan weer op het behoud van de zelfstandigheid van elke gemeenschap, het vrijwillige karakter van de samenwerking én de mogelijkheid om die samenwerking ook stop te zetten indien nodig.

Zoals wel vaker bij ideologieën is het theoretische model behoorlijk utopisch. De praktijk mag gerust wat pragmatischer zijn. Meer inzet in lokale verenigingen bijvoorbeeld. Of deelnemen aan buurtwerking en andere lokale en sociale activiteiten. Of misschien zélf initiatieven opstarten, waarom niet?

Het is misschien ook niet zo slecht om al eens na te denken over wat uw wijk, buurt of gemeente nodig heeft, om zo de lokale politici op het juiste pad te zetten met de komende gemeenteraadsverkiezingen voor ogen.

Het uiteindelijke doel van communalisme – op langere termijn – is dus het versterken van de gemeenschaps- en burgerzin. Op die manier ontstaat een sterk fundament waarop vervolgens makkelijker en steviger gebouwd kan worden om ook de grotere problemen aan te pakken. Het is wellicht geen zaligmakend model, maar zeker de moeite waard om tot een meer directe democratie te komen.

Het hoeft ook helemaal niet zo revolutionair en alles omverwerpend te zijn, maar kan ook door voor lokale politici te kiezen die zich daar kunnen in terugvinden of voor willen inzetten of op zijn minst door uw lokale politici duidelijk te maken dat inbreng en maximale betrokkenheid van de burger uiterst belangrijk zijn om tot een gezamenlijk project te komen.

Een dergelijk project is bij voorkeur positief, met andere woorden opbouwend en gericht op het beste resultaat voor de gemeenschap. Maar positivisme is vandaag schijnbaar een lelijk woord geworden. Om de een of andere reden vinden we het blijkbaar anno 2018 leuker om ons te wentelen in doemdenken en zelfmedelijden. Terwijl dat ons net nog verder de put in sleurt en ons zicht op een oplossing vertroebelt. Positivisme is ook iets helemaal anders dan naïviteit. Het gaat er niet om problemen te ontkennen of de blik af te wenden, het gaat net om het op een andere manier kijken naar die problemen.

Neem bijvoorbeeld asiel en migratie. Je kan ervan uitgaan dat mensen met slechte bedoelingen naar hier komen, gaande van profiteren van onze sociale zekerheid over het aanranden van onze vrouwen en meisjes tot het vernietigen van onze gehele beschaving. Dat dwingt je tot een defensieve houding, waardoor je alleen maar incasseert en achter de feiten aanholt, waardoor de frustratie nog groter wordt en de negativiteit toeneemt. Een neerwaartse spiraal dus.

Je kan daarentegen ook veronderstellen dat mensen met goede bedoelingen komen en enkel op zoek zijn naar een beter leven en daarvoor ook de nodige inspanningen willen leveren. Zo kan je de nieuwkomers een positief verhaal voorleggen en kansen bieden, maar net zo goed de voorwaarden stellen om deel van ons collectief verhaal uit te maken. Hoe meer duidelijkheid en hoe meer begeleiding ze krijgen, hoe sneller ze in onze samenleving zullen integreren.


Positivisme is vandaag schijnbaar een lelijk woord geworden.

Een ander voorbeeld is onze sociale zekerheid. De negatieve houding is dat ze vooral een uitnodigende hangmat is voor allerhande profiteurs, waardoor ze onbetaalbaar wordt en ‘wij’ steeds meer belastingen moeten betalen. Er zijn ongetwijfeld mensen die er de kantjes van aflopen. En als we heel eerlijk zijn, weten we dat we allemaal wel eens ‘het meeste uit het systeem halen’. Nochtans hoeven we maar gewoon naar de oorsprong en de basis van de sociale zekerheid te kijken. Die was nooit bedoeld als hangmat maar eerder als opvangnet om te zorgen dat ook de zwakkeren niet vergeten worden, maar vooral om te zorgen dat je weer snel op eigen benen kan staan en zelf ook opnieuw anderen mee kan opvangen. Hoe meer mensen op eigen benen kunnen staan, hoe meer sterke handen er zijn om de zwakkeren of (tijdelijke) pechvogels op te vangen en te helpen.

Een laatste voorbeeld sluit opnieuw aan bij het communalisme. De laatste tijd – zeker met de gebeurtenissen in Catalonië – is het debat rond regionalisme en nationalisme compleet gepolariseerd. De negatieve houding stelt dat nationalisme altijd exclusief is, dat het dient om je op te sluiten in je eigen kleine gemeenschapje om niet verder te moeten kijken dan de spreekwoordelijke kerktoren. Of erger nog: om je eigen gemeenschap als superieur te zien tegenover andere. Terwijl er niks mis mee is om je solidariteit in steeds verder uitdeinende concentrische cirkels te organiseren om ze van binnen- of van onderuit steeds sterker te maken. Het is – om in de regionalistische context te blijven – zoals de beroemde Catalaanse mensentorens (Castellers): hoe talrijker en hoe sterker de schouders onderaan zijn, hoe makkelijker de lichtgewichten naar boven kunnen klimmen en hoe hoger en stabieler de toren wordt.

Met een beetje meer communalisme en optimisme kunnen we in 2018 misschien het tij keren en iedereen bij onze samenleving en de versterking ervan betrekken.

Tom Garcia is kernlid van Vlinks